Afscheid van de praatpaal: effectieve samenwerking met de markt

In juli gingen de eerste 500 praatpalen online in de verkoop. De belangstelling was enorm en binnen afzienbare tijd waren de palen vergeven. Minder groot was de animo toen Rijkswaterstaat een half jaar eerder een onderhandse uitvraag deed voor het weghalen van de palen. Van Doorn uit Geldermalsen was de enige die zich meldde met een plan voor het verwijderen van 960 palen in het eigen areaal. De verbazing was dan ook groot toen Rijkswaterstaat vroeg om alle 3.300 praatpalen langs de Nederlandse snelwegen weg te halen.

Van icoon tot colablikjes

‘We waren er direct van overtuigd dat dit een fantastische klus was voor ons’, vertelt Robert van Doorn, businessunitmanager bij Van Doorn en directeur van het duurzame dochterbedrijf Ecoleon. ‘Er waren in onze ogen echt mogelijkheden. We zagen de palen namelijk niet als een kostenpost, maar als waardevolle items. We zijn dan ook geen moment van plan geweest om de palen simpelweg uit de grond te trekken, naar de stort te rijden en Rijkswaterstaat de rekening te sturen.’ Die benadering bleek goed te passen bij de wensen van Rijkswaterstaat. Leveranciersmanager Herma Zijlmans: ‘De praatpaal is een Nederlands icoon. We wilden dan ook niet dat de palen in de shredder zouden belanden en eindigen als colablikjes. Van Doorn heeft dat goed aangevoeld.’

Sentimentele waarde

Een eerste inventarisatie in eigen omgeving maakte voor Van Doorn al duidelijk dat de palen een nieuwe bestemming moesten krijgen. ‘De praatpaal heeft voor een hele generatie Nederlanders sentimentele waarde. Veel mensen gaven zelfs aan ze van ons te willen kopen. Vandaar dat we besloten om 500 palen online aan te bieden. Maar dat de belangstelling zo groot zou zijn, hadden we echt niet verwacht.’ Omdat Van Doorn veel mensen teleur moest stellen, besloot het bedrijf een aantal extra palen aan te bieden voor individuele verkoop. Van Doorn: ‘Wie in aanmerking wilde komen voor een paal kon een plan bij ons indienen voor duurzame herbestemming. Want uiteindelijk willen we dat zo veel mogelijk palen een nieuwe functie krijgen.’

Alle palen in kaart

Op dit moment heeft Van Doorn 2.200 palen weggehaald. Door werkzaamheden slim te plannen blijft de overlast voor weggebruikers beperkt, net als de CO2-uitstoot. Van Doorn: ‘Samen met de verkeersloketten van Rijkswaterstaat stemmen we onze werkzaamheden bijvoorbeeld af op geplande wegafsluitingen. En door partners in te schakelen, hoeven we niet vanuit Geldermalsen het hele land door te rijden.’ Gemiddeld duurt het zo’n halfuur om een praatpaal te verwijderen. ‘Het ligt er een beetje aan wat we aantreffen’, vertelt van Doorn. ‘We halen namelijk niet alleen de palen weg, maar ook paadjes en overstapconstructies van de vangrail. En als we pech hebben, zijn die in een flinke laag beton gestort. Tijdens een eerste inventarisatieronde hebben we dat allemaal in kaart gebracht. Dat was overigens ook voor het eerst dat precies duidelijk was waar praatpalen stonden en in welke staat ze verkeerden.’

Oplaadpaal voor elektrische auto’s

Voor palen die hij niet individueel verkocht, kon Van Doorn talloze herbestemmingen bedenken, maar uiteindelijk moeten de palen het bedrijf ook iets opleveren. ‘De praatpalen inzetten als oplaadpalen voor elektrische auto’s bleek het meest kansrijk’, vertelt van Doorn. ‘Die kunnen we zo aanbieden voor een scherpe prijs. Klanten hebben daar wel oor naar, zeker omdat de oplaadpaal de iconische vorm van de praatpaal behoudt.’ Uiteindelijk keren minstens 1.675 praatpalen terug als oplaadpaal. Een idee dat ook Chrétien Gerrits aansprak, ontwerper van de praatpaal. Zijlmans: ‘Gerrits is blij dat de palen een nieuwe bestemming krijgen. Duurzaamheid speelde destijds namelijk ook grote rol bij het ontwerp ervan. Het herbestemmingsplan voor de oplaadpalen sluit dus perfect aan bij het oorspronkelijke idee van de ontwerper én de marktvisie van Rijkswaterstaat. Dat maakte het ook een logische zet om met Van Doorn in zee gaan.’

Bent u benieuwd naar de actuele ontwikkelingen rondom de praatpaal? Bekijk de projectwebsite van Ecoleon of volg de gesprekken in de Facebook-groep.